Gebruik de functietoetsen F3 tot en met F6 voor snel en veilig werken met de hydraulica. Selecteer specifieke hydraulische circuits en activeer vier functies: Volumestroom regelen, continuverbruiker starten, zweefstand in- of uitschakelen en de sneeuwschuifontlasting aansturen. Let daarbij altijd op de juiste instelling op het display om ongecontroleerd dalen te voorkomen.